Duurzame inzetbaarheid

by

Vanwege de vergrijzing en ontgroening zullen we in de toekomst met minder mensen meer werk moeten doen. Deze krapte op de arbeidsmarkt maakt duurzame inzetbaarheid een steeds belangrijker begrip (Schouten & Nelissen, 2011). Er zijn veel verschillende visies op de invulling van het begrip duurzame inzetbaarheid.

Een brede en gangbare definitie van het begrip is vastgesteld in opdracht van ZonMW, volgens deze definitie is duurzame inzetbaarheid ‘dat medewerkers doorlopend in hun arbeidsleven over daadwerkelijk realiseerbare mogelijkheden alsmede over de voorwaarden beschikken om in huidig en toekomstig werk met behoud van gezondheid en welzijn te (blijven) functioneren. Dit impliceert een werkcontext die hen hiertoe in staat stelt, evenals de attitude en motivatie om deze mogelijkheden daadwerkelijk te benutten’ (Van der Klink e.a., 2010). Het begrip heeft dus betrekking op de inzetbaarheid voor het productiemiddel arbeid en het gaat hierbij vooral om de inzetbaarheid voor betaald werk op de arbeidsmarkt voor minstens twaalf uur per week. Het draait hierbij niet alleen om de arbeidsparticipatie van nu, maar ook om de arbeidsparticipatie in de toekomst. Duurzame inzetbaarheid is hierdoor ook sterk gerelateerd aan preventie, er moet worden voorkomen dat de inzetbaarheid verminderd door bijvoorbeeld een afname van de gezondheid (Robroek, S., Burdorf, A., Beumer P., Van der Sluis, S. & Weel, A., 2011). Dit betekent dat er niet vroeg genoeg begonnen kan worden met het realiseren van duurzame inzetbaarheid.

Er is sprake van een gezamenlijke verantwoordelijkheid bij duurzame inzetbaarheid, zowel de werknemer als de werkgever zijn verantwoordelijk om duurzame inzetbaarheid tot stand te brengen. Een werknemer moet zich kunnen ontwikkelen en zijn gezondheid behouden, maar daar moet hij ook toe in staat gesteld worden. Er moeten dus mogelijkheden zijn, het gaat niet om de theoretische mogelijkheden, maar het gaat om daadwerkelijk haalbare mogelijkheden. De werknemer moet kennis, vaardigheden en competenties ontwikkelen om zo de mogelijkheid voor toekomstige arbeid open te houden. De werkgever moet daaraan bijdragen door te zorgen voor ontwikkelingsmogelijkheden en voor de juiste werkomstandigheden. Maar alleen de juiste werkomstandigheden zijn niet genoeg, werknemers moet ook de motivatie en attitude hebben om de mogelijkheden te benutten. De werknemer moet van de door de werkgever geschepte mogelijkheden daadwerkelijk gebruik gaan maken. Het draait bij duurzame inzetbaarheid dus om een combinatie tussen het willen en het kunnen, zowel de wil als de mogelijkheden moeten aanwezig zijn om duurzame inzetbaarheid te bereiken (Schouten & Nelissen, 2011).

Tags: , , , , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: