Duurzaamheidstoets

by

Diverse bedrijven en overheden beweren een duurzame organisatie te zijn. Een algemeen concrete tool om de duurzaamheid van deze organisaties mee te meten, evalueren en beoordelen lijkt echter nog niet te bestaan. Dit wordt onder andere erkend door Wienk en Wienk (2011). Mede daarom lopen er diverse wetenschappelijke onderzoeken om tot één algemeen acceptabele duurzaamheidsmeter te komen. Zowel in de literatuur als op het internet zijn er methoden te vinden die momenteel door organisaties gebruikt kunnen worden om hun duurzaamheid te meten. Deze methoden kunnen zowel normatief als meer mathematisch toetsen. Bovendien lopen ze erg uiteen al naar gelang de doelgroep.

Wienk en Wienk (2011) hebben in opdracht van Royal Haskoning een eigen duurzaamheidstoets ontwikkeld. Hierbij hebben zij gebruik gemaakt van documentanalyses en interviews. De documentanalyse werd vooral gebruikt om indicatoren van duurzaamheid te vinden. De afgenomen interviews dienden om zelf criteria te ontwikkelen waaraan de duurzaamheidstoets moet voldoen. De belangrijkste criteria waaraan een duurzaamheidstoets moet voldoen zijn dat er maar een beperkt aantal, meetbare indicatoren gebruikt kan worden en dat de toets gebruiksvriendelijk en goedkoop is (Royal Haskoning, 2011). De uiteindelijk ontwikkelde toets bestaat uit diverse (praktijk) gerichte uitgangspunten van duurzaamheid die gemeten worden met behulp van een likertschaal. De resultaten hiervan worden in een scorekaart weergegeven, waarbij de antwoorden op de uitgangspunten een weging meekrijgen op basis waarvan een eindoordeel gemaakt kan worden.

COS Nederland heeft een website opgezet waarop lokale overheden, provinciale overheden en waterschappen via het invullen van vragenlijsten hun duurzaamheid kunnen beoordelen (www.duurzaamheidsmeter.nl). De vragenlijsten zijn gebaseerd op het people, planet, profit principe. Op de vragenlijsten moeten ja/nee standpunten worden ingenomen ten aanzien van stellingen die het duurzaam ondernemen van overheden weergeven. Alle vragen hebben een weging die na afloop wordt gesommeerd. Deze eindscore geeft een indicatie van de mate waarin overheden een duurzaam beleid voeren.

Een voorbeeld dat het ook anders kan laten Ekins en Simon (2001) zien in de vorm van de ‘Years to sustainability’ methode. Bij deze techniek wordt allereerst de ‘sustainability gap’ van vervuilende stoffen veroorzaakt door economische activiteiten berekenend. Ekins en Simon werken in hun artikel onder andere met koolstofdioxide (CO2). De ‘gap’ geeft aan in hoeverre impact van de vervuilende stof afstaat van de standaard die ecologische duurzaamheid vereist. Met behulp van trends kan berekend worden hoeveel jaar het duurt voordat de betreffende stof tot een normale hoeveelheid gereduceerd is. Tot slot kan de ‘gap’ worden vertaald in een monetaire indicator door de kosten van het verminderen van de ‘gap’ en het ecologisch herstel te berekenen.

Tags: , , , , , , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: