Rechten van het kind

by

De rechten van het kind gelden als een van de belangrijkste onderdelen van een sociaal ondernemingsbeleid. In Nederland begonnen de rechten van het kind in 1874, toen Samuel van Houten het Kinderwetje bedacht. Deze wet moest kinderarbeid beperken met name in de industriële sector. Er was nauwelijks controle op de naleving van deze wet en mede hierom duurde het nog tot 1901, het jaar waarin de leerplicht voor kinderen werd vastgesteld, dat kinderarbeid drastisch verminderde. Uitgebreidere kinderrechten kwamen pas later (Nationaal Archief, 2008). Eglantyne Jebb was verantwoordelijk voor het schrijven van het eerste Handvest voor de Rechten van het Kind in 1923. Op basis van dit document werd het Verdrag voor de Rechten van het Kind opgesteld. In 1989 is dit 54 artikelen tellende document door de Verenigde Naties overgenomen (Kinderrech- tencollectief, 2007; Unicef, 2008). In dit internationale verdrag is vastgelegd dat kinderen recht hebben op verzorging, bescherming en respect (Unicef, 2008). Er zijn vier basisprincipes die aan dit verdrag ten grondslag liggen. Ten eerste moet er geen discriminatie tussen kinderen zijn. Het verdrag geldt voor ieder kind. Ten tweede moeten beslissingen van overheden, bedrijven en andere instanties in het belang van het kind genomen worden. Op de derde plaats moet de ontwikkeling van kinderen in de maatschappij gestimuleerd worden. Ten slotte moeten de meningen van kinderen gehoord worden door anderen (Unicef, 2008).

Het verdrag voor de Rechten van het Kind bevat 54 artikelen die in drie soorten rechten kunnen worden onderverdeeld: de drie p’s: provision, protection en participation. Provisions (voorzieningen) staat voor het recht op onder andere onderwijs en zorg. Protection staat voor bescherming tegen mishandelingen, uitbuiting, verwaarlozing, kinderarbeid, oorlogsgeweld, handel en slavernij. Participation staat voor het feit dat kinderen recht hebben om deel te nemen aan de maatschappij. Vrijheid van meningsuiting en meepraten en beslissen staan hier centraal (Unicef, 2008). Inmiddels hebben bijna alle landen van de wereld dit verdrag ondertekend. Dit betekent dat deze landen zich aan de regels moeten houden en erop aangesproken mogen worden door andere landen als dit niet het geval is. Een aantal landen heeft de kinderrechten onderdeel van de grondwet gemaakt. Rijke landen hebben zichzelf verplicht om armere landen te helpen met de naleving en uitvoering van de kinderrechten (Unicef, 2008).

In het bedrijfsleven dient men rekening te houden met de rechten van het kind. In Nederland is het overtreden hiervan nagenoeg onmogelijk vanwege de strenge controle en de gedeelde visie van de Nederlandse bevolking over de rechten van het kind. In het buitenland echter, vooral in de lagelonenlanden, komt nog wel kinderarbeid voor. Met de trend van globalisering krijgen in toenemende mate ook Nederlandse bedrijven hiermee te maken en zullen zij het beleid hierop aan moeten passen. In het verleden zijn enkele bedrijven in opspraak geweest nadat bekend werd dat er in de productieketen gebruik werd gemaakt van kinderarbeid. Een bekend voorbeeld hiervan is Nike, dat in opspraak kwam door het gebruikmaken van kinderarbeid en het hanteren van slechte werkomstandigheden (Pennartz, 1997). Om de continuïteit van de organisatie te waarborgen zullen bedrijven zich moeten inzetten om de productieketen in zijn geheel zonder kinderarbeid te realiseren. Consumenten hechten hier steeds meer belang aan.

Tags: , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: