Bottom of the Pyramid (BoP)

by

Prahalad en Hart (2002) beschrijven in The fortune at the bottom of the pyramid dat veel multinationale organisaties niet willen investeren in ontwikkelingsgebieden. Zij zien ontwikkelinglanden niet als geschikte productielocaties en zien ook niet dat er in die landen een afzetmarkt voor hun producten is. Zij investeren in de toplaag van de economische piramide: een klein deel van de wereldbevolking dat een inkomen heeft van meer dan 20 duizend dollar per jaar per persoon: rij 1 van de economische piramide. Soms investeren ze in rij 2 en 3 van de piramide, de midden- klassen met de bevolkingsgroep met lage inkomens in de ontwikkelde landen en de hoge inkomens in ontwikkelingslanden. Aan het overgrote deel van de bevolking, ongeveer 4 miljard mensen op de bodem van de economische piramide (rij 4), besteden ze geen aandacht.

Volgens Prahalad en Hart (2002) liggen in deze bevolkingsgroep grote marktkansen. Multinationals kunnen winst maken in ontwikkelingslanden, en niet alleen bij de weinige kapitaalkrachtigen, maar juist ook bij de armste bevolking. Hiermee kunnen ze tevens het leven van deze bevolking verbeteren. Deze 4 miljard mensen hebben behoefte aan goede betaalbare en bereikbare producten als voedsel en medische voorzieningen, maar ook kleine leningen en telefonie. Het verkopen van producten aan deze bevolkingsgroep moet totaal anders worden aangepakt dan multinationals nu doen; het vergt een andere manier van denken. Ze moeten niet vasthouden aan de gangbare verkoopprijs, maar uitgaan van het bedrag dat deze groep wil betalen. Hun bedrijfsstrategie moet worden omgevormd van het ‘groter is beter’-ideaal naar een ideaal waarin kleinschalige werkzaamheden samen gaan met een capaciteit op wereldschaal (Prahalad en Hart, 2002).

Deze markt staat open voor mogelijkheden voor innovatie en de bevolkingsgroep heeft voldoende motivatie in deze markt te participeren wanneer zij hiertoe wordt opgeleid. Er moet wel voorkomen worden dat bij de ontwikkeling van deze nieuwe markt net zoveel misstappen op milieugebied worden gemaakt en natuurlijke bronnen worden gebruikt als nu het geval is in rij 1 van de piramide. De ontwikkeling van deze nieuwe markt op de bodem van de piramide is een nieuwe uitdaging voor multinationale organisaties: het combineren van lage kostprijs, goede kwaliteit, duurzaamheid en rentabiliteit (Prahalad & Hart, 2002; Bodelier & Vos- sen, 2007). Een van de voorbeelden waarin dit concept in terugkomt, is het microkrediet [zie Microkrediet].

Tags: , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: