Afval

by

Over de definitie van afval zijn veel discussies gevoerd. Wat voor de één als afval geldt,kan door een ander juist als nuttige stof worden toegepast. In de Europese Kaderrichtlijn afvalstoffen heeft de Europese Unie een lijst opgesteld met categorieën afvalstoffen. Veel regelgeving en ook het landelijk afvalbeheersplan verwijzen naar deze richtlijn door een afvalstof als volgt te definiëren: ‘alle stoffen, preparaten of andere producten die behoren tot de productcategorieën die zijn genoemd in bijlage I van de Kaderrichtlijn afvalstof- fen, waarvan de houder zich ontdoet, wil ontdoen of moet ontdoen’ (Ministerie van VROM, 2007). Toch is hiermee het begrip afvalstof nog niet duidelijk, blijkt uit de vele jurisprudentie die er over de definiering van afvalstoffen is verschenen. Aan de hand van deze jurisprudentie is een lijst van criteria opgesteld om duidelijkheid te verschaffen over of een stof wel of geen afvalstof is.

Duurzaam ondernemen houdt onder andere in dat de organisatie zoveel mogelijk probeert afval te voorkomen en te beper- ken, omdat afval milieuverontreiniging kan veroorzaken. Voor goed afvalbeheer kan gebruikgemaakt worden van de ‘ladder van Lansink’ (ontwikkeld in 1979 door toen- malig Tweede Kamerlid Lansink), waarin een voorkeursvolgorde wordt gegeven voor het omgaan met afval. Ten eerste moet geprobeerd worden om afval te voorkomen. Wanneer dat niet mogelijk is, gaat het hergebruiken van de producten en daarna de recycling van materialen voor. De volgende stap is het verbranden van het afval (zoveel mogelijk met energieopwekking) en als laatste mogelijkheid kan het afval worden gestort (Van der Meer et al., 1994).

Afvalpreventie komt onder andere naar voren in integraal ketenbeheer en de levenscyclusanalyse [zie hiervoor Levens- cyclusanalyse]. Hierbij wordt het gehele productieproces geanalyseerd op efficiënt gebruik van materialen en grondstoffen en de milieugevolgen van het proces. Door het productieproces naar uitkomst van deze analyse te verbeteren wordt het gebruik van grondstoffen zoveel mogelijk beperkt en afval voorkomen (Van der Meer et al., 1994).

De tweede trede van de ladder van Lansink, het hergebruik van producten en materialen, komt terug in het relatief nieuwe begrip Cradle to Cradle, waarin van oude producten andere producten worden gemaakt en er ook voor wordt gezorgd dat nieuwe producten volledig te recyclen zijn (McDonough et al., 2003) [zie hiervoor Cradle to Cradle].

Tags: , ,

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


%d bloggers op de volgende wijze: